Meest recente testupdate: 10 februari 2012
Extra informatie
 

Foto's bewerken

Als je wilt, valt er nog heel wat aan een foto perfectioneren. Zo kun je de horizon rechtzetten, de foto donkerder of lichter maken, bijsnijden, rode ogen bijwerken, details zichtbaar of juist onzichtbaar maken, enzovoort. Welke fotobewerkingsprogramma's zijn er zoal?

fotobewerking_softwareFoto's bewerken met Adobe en Corel

Simpele bewerkingen zijn zelfs op de camera uit te voeren, maar uitgebreider ingrijpen doe je met een fotobewerkingsprogramma. Professionals gebruiken daarvoor het bekende programma Adobe Photoshop. Maar dat programma is erg duur (meer dan €1000). De consumentenversie (Adobe Photoshop Elements) is goedkoper (€99) en volstaat prima voor de meeste toepassingen. Een ander bekend programma dat het goed deed in eerdere tests van de Consumentenbond was Corel Paint Shop Pro.

Naar boven

Foto’s online bewerken

Je kunt foto’s ook gratis online bewerken. Je hoeft dan niets op je pc te installeren, maar uploadt de te bewerken foto’s naar een site. Bij grote bestanden kan dat soms lang duren. We keken naar de mogelijkheden van drie programma’s: Pixlr, Fotoflexer en Picnik. Met alle drie is bijvoorbeeld te werken met lagen en curves. Verder kun je met Pixlr meerdere foto’s tegelijk openen.

Naar boven

Gratis fotobewerkingsprogramma's

Naast de online fotobewerkers, zijn er te downloaden gratis programma’s. GIMP is heel uitgebreid en niet voor echte beginners, maar wel geschikt voor mensen die verder zijn met fotobewerking. Wat minder uitgebreid is Paint.NET. Makkelijk voor iedereen is Google Picasa, je kunt er de noodzakelijke bewerkingen mee uitvoeren (rode ogen, rechtzetten enzovoort). Uit onze tests van fotobewerkingssoftware komt steeds Google Picasa als aanrader uit de bus.

Naar boven

Foto's bewerken: wat is er zoal mogelijk?

  • fotobewerking_manipulatieBelichting aanpassen
    Met het histogram kun je snel zien of een foto goed is belicht. Onder- of overbelichte foto’s zijn aan te passen met de functie Niveaus (Levels). Dat werkt in de meeste fotobewerkingsprogramma’s ongeveer hetzelfde. Nog preciezer is het om te werken met curven. Daarmee kun je nog nauwkeuriger het contrast en de helderheid bepalen.
  • Slim selecteren
    Jijzelf op de foto met Steve Jobs? Of op de Noordpool? Het is simpel met de magnetische lasso in Photoshop Elements. Je klikt aan de rand van het deel van de foto dat je wilt gebruiken. Vervolgens volg je met de muis de contouren van het uit te snijden onderwerp. Photoshop Elements zoekt meestal automatisch de juiste randen op. GIMP heeft een selectie-schaartje dat hetzelfde doet, maar minder gemakkelijk. Je moet tussentijds klikken en dat hoeft bij de magnetische lasso niet. Veel fotobewerkingsprogramma’s hebben een zogenoemde toverstaf. Daarmee selecteer je een gebied op basis van kleuren die op elkaar lijken, bijvoorbeeld alle blauwe lucht op een foto.
  • Retoucheren
    Het uiterlijk digitaal oppoetsen wordt retoucheren genoemd. Fotobewerkingsprogramma's hebben voor dit werk een 'kloonstempel'. Daarmee kun je een mooi stukje van de foto over een lelijk deel heen kopiëren (klonen). Bijvoorbeeld een stukje gave huid over rimpels heen.
  • Filters
    Fotobewerkingsprogramma's hebben filters en plug-ins. Bijvoorbeeld het filter 'onscherp masker', om de achtergrond van een foto onscherp te maken. Het lijkt alsof de foto gemaakt is met een groot diafragma. Het is een nuttig filter om een compositie beter te laten uitkomen. Niet alle filters zijn even goed bruikbaar; vaak zijn het gimmicks die hooguit leuk zijn om een keer te proberen.
Naar boven

Meer mogelijk met RAW

Met een speciaal programma, dat bekend is met de gebruikte camera, zet je de gegevens om naar een foto. Het voordeel van RAW is dat je het ruwe, onbewerkte materiaal van de camera gebruikt. Je hebt alle benodigde informatie om achteraf nog de foto in te kleuren. Denk aan correctie van de witbalans, helderheid en contrast en kleurverzadiging.

Met RAW is meer mogelijk zonder verlies van detail. Bij een jpeg comprimeer je een foto en dat betekent minder kwaliteit. Iedere keer als je een jpeg opent, bewerkt en opnieuw opslaat gaan er weer details verloren. Een ander nadeel is dat je jpegs niet transparant kunt maken.

Daar komt nog bovenop dat RAW beter is om te archiveren; je bewaart immers het 'negatief' en niet de foto. Maar als je zeker weet dat de foto niet meer bewerkt hoeft te worden, volstaat jpeg prima. Een aantal tips als je toch met jpeg wilt werken:

  • Werk met lagen.
  • Als je tussentijds een foto moet opslaan, doe dat dan in het formaat van het fotobewerkingsprogramma, bijvoorbeeld PSD bij Photoshop Elements.

Na het bewerken van de foto kun je de foto weer opslaan in jpeg; alle lagen worden dan weer samengevoegd tot 1 laag.

Naar boven

Lees ook

Fotobewerkingssoftware: gratis vs betaald
Foto's opslaan en beheren
Foto's delen met anderen
Foto's afdrukken

Naar boven
 
 
Inloggen

Toegang tot alle ledeninformatie

Nog geen lid?
Klik hier om lid te worden.