! Je browser is verouderd.

Update je browser voor meer veiligheid en snelheid om deze site optimaal te kunnen gebruiken.

Klik hier om te lezen welke browsers geschikt zijn

icon-menu logo_footer preds symbol-afrader symbol-bestekoop symbol-besteuittest
Alle artikelen

Artikelen binnen De Week van Olof

ABN AMRO: waar het rekenen begint, houdt het denken op

Wat is het verschil tussen ABN Amro en een commercieel bedrijf als bijvoorbeeld Shell? Banken hebben een maatschappelijke plicht. Zo stelt de Nederlandse Vereniging van Banken: ‘Klanten en de samenleving moeten kunnen rekenen op stabiele, dienstbare en betrouwbare banken. Daarom is het essentieel dat banken een evenwichtige en herkenbare koers varen.’

Gepubliceerd op:7 mei 2021

pinnen-betaalrekening

Hoe komt het dan toch dat steeds meer banken in hun dienstverlening nauwelijks meer zijn te onderscheiden van onbemande tankstations, en alle diensten wegen op basis van kosten en baten? Zo gaat ABN AMRO een tarief in rekening brengen voor het opnemen van contant geld. De Consumentenbond vindt dit onbegrijpelijk.

In the village where I grew up
Nothing seems the same
Still you never see the change from day to day
And no-one notices the customs slip away

Geen contant geld

Ken je dat? Net als de krantenjongen je fijne feestdagen komt wensen, of Amnesty International voor de deur staat, kom je erachter dat je geen contant geld in huis hebt. Ik zou niet weten wanneer ik voor het laatst geld opnam bij een geldautomaat, terwijl dat vroeger een wekelijks ritueel was.

Zo gaan die dingen, vaak ongemerkt. Al Stewart bezong het al in zijn nostalgische ballad ‘On the border’. En zoals bij mij thuis gaat het in vele duizenden gezinnen. Losse euro’s vind je hooguit nog onder in een rommelige la of in een oude jas. En natuurlijk in de spaarpotten van de kinderen.

Contant geld nog steeds belangrijk

Maar er zijn ook mensen voor wie contant geld nog steeds heel belangrijk is. De Nederlandsche Bank (DNB) onderzocht vorig jaar de rol en toekomst van cash, en stelde vast dat contant geld voor veel consumenten in een belangrijke maatschappelijke behoefte voorziet. Dat geldt vooral voor mensen in de samenleving die moeite hebben met abstracties zoals het girale betalingsverkeer, of er beperkt toegang toe hebben. Denk aan de groep ‘laaggeletterden’, naar schatting zo’n 2,5 miljoen mensen.

Een ander voordeel van contant geld is dat je niet meer uit kunt geven dan je bij je hebt, wat helpt om binnen een budget te blijven en dus schulden te voorkomen. Mensen met een visuele beperking hebben baat bij de tastbaarheid van contant geld. Verder waarborgt het gebruik van contant geld privacy aan burgers.

Veel tijd

Achter de schermen steken mijn collega’s en ik veel tijd in overleg met banken, ministeries, toezichthouders en andere bij het betaalsysteem betrokken organisaties. Dan gaat het over kwesties als veiligheid, toegankelijkheid en privacy. Zo neemt onze algemeen directeur, Sandra Molenaar, deel aan het Maatschappelijk Overleg Betalingsverkeer. En een collega en ik nemen deel aan een onderzoek naar de toekomst van contant geld.

Het onderzoek wordt uitgevoerd door McKinsey, in opdracht van DNB. Samen met onder andere de detailhandel, ouderenbonden en patiëntenverenigingen geven we onze mening over cash. En die is heel kort en bondig: inderdaad neemt de behoefte aan contant geld af, maar zolang die behoefte er is dient contant gewoon beschikbaar te zijn. En de banken zullen zich moeten onthouden van maatregelen die de beschikbaarheid en het gebruik van contant geld beperken.

Met andere woorden: consumenten bepalen het tempo waarmee cash verdwijnt, en niet de banken. De praktijk is echter heel anders.

Opheffing bankkantoren

Twee derde van de bankkantoren is sinds 2010 opgeheven. Daarnaast is sinds dat jaar ook het aantal geldautomaten in Nederland afgenomen van 8000 naar 5000. Hierdoor is het moeilijker voor consumenten om aan contant geld te komen. De gemiddelde consument heeft hier geen last van, en kan prima uit de voeten met de digitalisering van betaaldiensten.

Dat is anders voor mensen uit de genoemde kwetsbare groepen. Er zijn sterke indicaties dat sluiting van bankkantoren en digitalisering van betaaldiensten juist voor deze mensen negatief uitpakken. Je zou dus zeggen dat de banken buitengewoon terughoudend zijn met het nemen van maatregelen die het gebruik van contant geld ontmoedigen, en netjes de uitkomsten van het onderzoek van McKinsey afwachten.

Aan banden

Helaas, sommige banken staan letterlijk te popelen om het gebruik van cash aan banden te leggen, want de kosten wegen volgens hen niet tegen de baten op. Dat zien we aan de toenemende tarieven die de detailhandel moet betalen voor het afstorten van cash, waardoor winkeliers financieel worden verleid om niet langer contant geld te accepteren. En vooral aan een maatregel die ABN Amro 2 weken geleden aankondigde, waaraan de media opmerkelijk weinig aandacht besteedden.

Gelukkig waren de redacties van consumentenprogramma’s Kassa en Radar alert: ze meldden dat deze bank per 1 juli kosten in rekening gaat brengen bij klanten die meer dan €10.000 per jaar aan contant geld opnemen. Voor studentenrekeningen ligt de grens op €6.000. Als je dit bedrag binnen een jaar hebt opgenomen, ga je vanaf dan €5 per transactie betalen plus een half procent over het opgenomen bedrag. Dezelfde limieten gaan gelden voor het storten van contant geld.

Nu zal niet iedereen jaarlijks €10.000 opnemen, maar nu de ban is gebroken zal die grens omlaag gaan. Het is toch te gek voor woorden dat mensen in een kwetsbare positie een boete moeten betalen voor het opnemen van geld?

Onbegrijpelijke maatregelen

Ik begrijp niets van deze maatregelen. Niet alleen omdat wij nog volop in gesprek zijn met de sector. Wat heeft het voor zin om advies te vragen als je toch al je besluiten hebt genomen? Maar vooral omdat de banken hiermee voorbijgaan aan de behoeften van een belangrijk deel van hun eigen klanten.

Stabiele en betrouwbare banken zouden ervoor moeten zorgen dat ook kwetsbare mensen mee kunnen doen in de samenleving, en niet per activiteit een kosten-baten analyse moeten maken. Consumenten dienen het tempo te bepalen waarmee cash verdwijnt, niet de banken.

Zo ongeveer toen koning Willem I De Nederlandsche Bank oprichtte (1814), formuleerde de Duitse filosoof Schopenhauer zijn visie op de wereld: ‘Waar het rekenen begint, houdt het denken op’. Toeval? Hoe dan ook: wat ons betreft is het laatste woord hierover nog niet gezegd, achter en voor de schermen.

Artikelen binnen De Week van Olof

Alle artikelen

Artikelen binnen De Week van Olof