icon-menu logo_footer preds symbol-afrader symbol-bestekoop symbol-besteuittest
Genomineerd voor Website van het Jaar |

Wij gaan ervoor. Jij ook? Stem meteen

website van het jaar 2017

Lijfrente: welke keuzes maak je?

Barbara van der Est
Barbara van der Est

Expert Geld & Verzekering


Wanneer uitkeren

Laat de uitkering beginnen als je deze nodig hebt. Een latere ingangsdatum levert een hogere uitkering op maar misschien komt een extraatje eerder beter uit. De uitkering is belast, dus houd rekening met een lagere uitkering dan in de offerte.

Hoe vaak uitkeren

Bepaal hoe vaak je de lijfrente wilt laten uitkeren: per maand, per kwartaal, per halfjaar of per jaar. Vaak stijgen de administratiekosten bij een hogere frequentie, dus een uitkering van eens per halfjaar of per jaar is aan te raden.

Indexeren

Bij sommige verzekeraars kun je ervoor kiezen je uitkeringen te laten indexeren. Elk jaar nemen de uitkeringen dan toe met een bepaald percentage om te compenseren voor inflatie. Uiteraard kost dit geld; de uitkeringen zijn in het begin lager dan bij een lijfrente zonder indexatie.

Eén of meer levens verzekeren

Een belangrijke keuze is of je de polis alleen op je eigen leven wilt afsluiten of dat je bijvoorbeeld ook je partners leven wilt verzekeren. Sluit je de lijfrente op beide levens af, dan ontvangt bij overlijden van één van de partners de nabestaande een vooraf vastgelegd percentage van de uitkering. De verzekeraars gaan hierbij vaak uit van een nabestaandenuitkering van 70%, maar op jouw verzoek is het mogelijk dit percentage aan te passen. Zoiets heet een 'lijfrente op twee levens met x% overgang'.

Situatie na overlijden
Aangezien verzekeraars deze nabestaandenuitkering met het door jou ingebrachte kapitaal financieren, betekent dit in de praktijk wel dat de periodieke uitkeringen lager zijn. Kies je ervoor de lijfrente alleen op eigen leven af te sluiten, dan neem je het risico dat bij overlijden het resterende kapitaal naar de verzekeraar gaat. Met het overlijden houden de verplichtingen voor de verzekeraar meestal op, tenzij je met je verzekeraar afspraken maakt. Je kunt bijvoorbeeld afspreken dat de ingelegde premies bij jouw overlijden naar de nabestaanden gaan. Wel kosten dergelijke constructies altijd geld.

Kies je voor een bancaire lijfrente (via Banksparen), dan gaat bij overlijden het kapitaal automatisch over naar de erfgenamen.

Tip: Heb je een zogeheten oud-regimepolis (van vóór 1992 bij inleg via een koopsom ineens of van vóór 17 oktober 1990 bij periodieke premiebetaling), dan kun je je opgebouwde lijfrentekapitaal nog overdragen aan je partner of kinderen. In principe keert de verzekering op expiratiedatum aan jezelf uit, maar bij deze oude polissen kun je tot aan het moment van expiratie de begunstiging nog wijzigen. Bij nieuwere polissen mag je de begunstigde niet wijzigen.

Contraverzekering

Om te voorkomen dat na het overlijden van jou en je partner het resterende geld naar de verzekeraar stroomt, kun je maatregelen treffen. Hiervoor moeten de nabestaanden (kinderen) een contraverzekering afsluiten. Op het moment dat beide ouders zijn overleden, ontvangen de kinderen - en niet de verzekeraar - dan het resterende geld.

De kinderen zijn zowel de verzekeringnemers als begunstigden van de lijfrenteverzekering. Voor de voorwaarden voor deze contraverzekering kun je het beste informeren bij je verzekeraar. Deze verzekering kost natuurlijk geld. Wel is het zo dat als de kinderen ook de koopsom voor de contraverzekering hebben betaald, zij geen successierecht betalen over de uitkering uit de verzekering na je overlijden. Wie kiest voor banksparen heeft geen contraverzekering nodig: bij overlijden gaat het saldo sowieso naar de erfgenamen.

Gegarandeerd of beleggingsgebonden

Wil je verzekerd zijn van een vast uitkeringsbedrag, kies dan voor gegarandeerde lijfrente. De hoogte van de uitkeringen is dan gegarandeerd.

Bij een 'beleggingsgebonden lijfrente' kies je voor uitkeringen die afhankelijk zijn van de beleggingsresultaten van beleggingsfondsen. De premie wordt dan -  nadat er kosten voor de verzekeraar zijn afgehaald - belegd in beleggingsfondsen. De uitkering is afhankelijk van de waarde van die participaties op het moment van de uitkering.

Net als bij de beleggingskoopsompolis maak je daarmee kans op hogere periodieke uitkeringen. Een nadeel is dat de hoogte van de uitkeringen lager zijn bij tegenvallende resultaten op de beurs. Als je de lijfrente-uitkering nodig hebt als aanvulling op je karige AOW en pensioen, kies dan niet voor een beleggingslijfrente, maar voor de zekere uitkeringen van een gegarandeerde lijfrente.

Flexibiliteit

Ook flexibiliteit is een belangrijk criterium. Wat is er allemaal mogelijk met het product? Wat zijn de  beleggingsmogelijkheden (aantal fondsen, mogelijkheid van tussentijdse switch). Omdat in dit geval 'beleggingseenheden' ook wel 'units' worden genoemd, heten dit soort verzekeringen vaak unit-linkedverzekeringen. De uitkering in euro's is afhankelijk (linked) van de waarde van de eenheden (units) op dat moment.

Test lijfrente