
Irene Joris Expert ZonnebrandBijgewerkt op:24 maart 2026
In onze test geven we elk product een score voor duurzaamheid, waarin we de impact van de ingrediënten en de verpakking beoordelen. Een gespecialiseerd bureau beoordeelt op basis van wetenschappelijk onderzoek per ingrediënt of het:
Ben je lid en ingelogd? Dan zie je hieronder de geteste zonnebrandmiddelen die goed scoren op duurzaamheid. Ben je niet ingelogd? Dan zie je de middelen die geen microplastics bevatten.
Je kunt zelf de impact van je zonnebrandmiddel beperken:
Zonnebrandmiddelen kunnen ook microplastics bevatten. Die kunnen niet alleen schade brengen aan het milieu, maar ook aan je gezondheid.
Fabrikanten zijn niet verplicht aan te geven welke gebruikte ingrediënten microplastics zijn. Je kunt het op de verpakking dus niet altijd direct zien. Maar er zijn wel hulpmiddelen. Zoek het product op in of scan het etiket met de app van de Plastic Soup Foundation.
In onze test staat welke zonnebrandmiddelen (mogelijke) microplastics bevatten en welke vrij zijn van bekende microplastics. We baseren ons op informatie van de Plastic Soup Foundation, die lijsten samenstelt met microplastics. Er staan al meer dan 500 microplastics op hun rode lijst. Hiervan is bewezen dat het microplastics zijn. Daarnaast is er een oranje lijst met ingredienten die mogelijk een microplastic zijn, maar waar nog discussie over is.
Op dit moment is er nog geen internationale consensus over welke ingredienten nou microplastics zijn. Zo is de Plastic Soup Foundation strenger dan de huidige Europese regels. Daarom kan het zijn dat een fabrikant zegt dat er geen microplastics in de zonnebrand zitten, maar wij wel aangeven dat er (mogelijke) microplastics in zitten.
Ook de verpakking heeft impact op het milieu. Hoe minder verpakking in verhouding tot de inhoud, hoe beter. Er zijn producten die een onnodige tweede kartonnen verpakking om de tube of fles hebben. Gelukkig zien we sinds een paar jaar steeds meer verpakkingen die (deels) uit gerecycled kunststof bestaat.
Er zijn 2 soorten uv-filters, namelijk chemische en minerale filters. Minerale filters hebben de reputatie dat ze 'natuurlijk(er)' zijn omdat ze van mineralen gemaakt worden. Maar dat zegt niet dat ze geen probleem zijn voor het milieu. Beide soorten filters kunnen een gevaar vormen voor het zeeleven. Zonnebrand kan steriele, vervormde 'zombie-riffen' veroorzaken waarin veel leven niet meer mogelijk is.
Chemische filters nemen de zonnestralen op. Ze worden ook wel organische filters genoemd. Veelvoorkomend zijn:
Deze kunnen een voedingsbodem vormen voor virussen die het koraal aantasten. Ze werken daarmee het bleken van koraal in de hand. Dit gebeurt wanneer koraal de algen verliest waarmee het in een speciale balans samenleeft en ze voedsel uithalen.
Oxybenzone (benzophenone-3) kan niet alleen koraal doden, maar ook het DNA beschadigen van volwassen koraal. Ook kan het het DNA van nieuw koraal aanpassen waardoor het zich niet meer goed kan ontwikkelen.
Deze filters beschermen door de zonnestralen te blokkeren of te reflecteren. Ze blokkeren zowel uv A als uv B, omdat de mineralen een hoge reflectie-index hebben. Ze worden ook fysische of anorganische filters genoemd. Er zijn 2 minerale filters toegestaan:
Deze stoffen reageren (in nano-vorm) met de ultraviolette straling van de zon. Ze veranderen daardoor deels in een nieuwe stof: waterstofperoxide: H2O2. Dit is giftig voor fytoplankton (de basis van de voedselketen) en voor veel vissen. Deze filters worden vaak in nano-vorm gebruikt, omdat de producten dan beter te smeren zijn. Maar die hele kleine deeltjes kunnen ook doordringen in verschillende levensvormen en in sommige gevallen opstapelen en neerslaan.
In de regelgeving van de EU voor cosmetica (Verordening EC 1223/2009 annex VI) staat vermeld welke uv-filters zijn toegestaan. Daar staan 32 filters op, waaronder 2 nano-varianten. Van deze lijst worden er 15 het meest gebruikt. Zonnebrand mag voor 3% tot 10% uit deze filters bestaan. Voor zink- en titaniumoxide geldt 25%.
De EU-regelgeving kijkt hierbij naar de veiligheid met gebruik voor de mens en niet voor het milieu. Kijkend naar de impact op het milieu heeft alleen het Nordic Swan Ecolabel een lijst van uv-filters die duurzaam zijn. Ze mogen dus gebruikt worden en dit label voeren.
Wij hebben in onze test de uv-filters onderzocht. Elk uv-filter krijgt een score voor:
Er zijn filters waar op 1 van deze punten geen informatie (data) beschikbaar is. Die filters krijgen in dat geval niet het voordeel van de twijfel. Gebruik van dergelijke stoffen leidt tot een lagere score.
Ga je op vakantie naar een exotisch oord? Kijk dan of daar beperkingen gelden voor zonnebrand met bepaalde ingrediënten. Je kunt ook ter plekke je zonnebrand kopen.
In sommige tropische gebieden is zonnebrand gebruiken met oxybenzone (benzophenone-3) en octinoxate (ethylhexyl methoxycinnamate) verboden. Deze ingrediënten komen nog voor in sommige zonnebrandmiddelen, maar zijn in opspraak omdat ze (mogelijk) hormoonverstorend zijn. Ook tasten deze stoffen het koraal aan.
In de volgende landen geldt een verbod op zonnebrandmiddelen met bepaalde ingrediënten:
Een 'reef safe'-zonnebrand bevat deze ingrediënten niet. Het mag ook geen nanodeeltjes bevatten van bijvoorbeeld zinkoxide en titanium dioxide. Er zijn steeds meer zonnebrandmiddelen die aangeven op de verpakking dat ze 'ocean friendly','ocean respects of 'reef safe' zijn. Of dat ze voldoen aan de Hawaiian Reef Bill of getest zijn 'in marine life conditions'. In onze test blijken deze producten echter niet allemaal een goede score te halen voor de gebruikte uv-filters.