icon-menu logo_footer preds symbol-afrader symbol-bestekoop symbol-besteuittest

Je browser is verouderd.

Update je browser voor meer veiligheid, snelheid en om deze site optimaal te kunnen gebruiken.

Klik hier om te lezen welke browsers geschikt zijn

Consumentenbond.nl

Inloggen

Vul een geldig e-mailadres in

Vul een wachtwoord in

Fiscale wijzigingen 2019 eigen woning

Begin 2019 zijn veel belastingregels rondom de eigen woning veranderd. Wij leggen uit welke gevolgen dit heeft voor jouw situatie. 

Asha Stuivenwold

Asha Stuivenwold , Expert Geld & Verzekering Bijgewerkt op:25 januari 2019

Eigen woning 2

Hypotheekrenteaftrek

Heb je een belastbaar inkomen tussen de €20.400 en €68.500? Dan daalt je hypotheekrenteaftrek in 2019 met 2,75% van de betaalde aftrekbare rente, omdat het belastingtarief met dit percentage daalt. Stel dat je elke maand €1000 hypotheekrente betaalt, dan betaalt de fiscus in 2019 €330 minder mee aan de hypotheek (2,75% van €12.000). Bij een lager inkomen verandert er weinig: de aftrek stijgt dan met 0,1 procentpunt. Bij een inkomen boven de €68.500 daalt de hypotheekrenteaftrek in 2019 met 0,5 procentpunt (naar 49%).

Deze percentages gelden niet alleen voor de hypotheekrenteaftrek, maar ook voor andere aftrekbare kosten voor de eigen woning, zoals de kosten van de hypotheekadviseur en erfpachtcanon.

Saldo inkomsten en aftrek voor de eigen woning

In de volksmond wordt met ‘hypotheekrenteaftrek’ vaak de aftrekpost voor de eigen woning bedoeld. Daarbij gaat het om het saldo van de belaste inkomsten en aftrek voor de eigen woning. Of dit bedrag in 2019 daalt of stijgt, hangt niet alleen af van de hypotheekrenteaftrek, maar ook van de fiscale bijtelling voor de eigen woning.

Bijtelling voor de eigen woning

Als je in een koopwoning woont, wordt er een bedrag bijgeteld in je aangifte inkomstenbelasting waarover je belasting moet betalen. Dit bedrag heet het eigenwoningforfait.

Voor huizen met een WOZ-waarde van €75.000 tot €1.080.000 is de bijtelling in 2019 0,65% van de WOZ-waarde. Dat is 0,05 procentpunt minder dan in 2018. Een laag percentage, maar je kunt er toch wel iets van merken. Heb je een bijvoorbeeld woning van €400.000? Dan betekent dit dat je €200 minder bij je inkomen hoeft op te tellen dan in 2018. Bij een inkomen uit werk en woning boven de €68.500, bespaar je daardoor netto €103 (51,75% van €200).

Bij nog duurdere huizen wordt van de WOZ-waarde boven de €1.080.000 zelfs 2,35% bijgeteld. Dat percentage is ongewijzigd.

Huiseigenaren zonder (grote) hypotheek

Regeling 2018

Wie geen of zeer lage hypotheekrentelasten heeft ten opzichte van de woningwaarde, heeft in de aangifte over 2018 geen last van de bijtelling voor de eigen woning. Dat is het geval als je in het jaar 2018 minder hypotheekrente hebt betaald dan het bedrag van het eigenwoningforfait. Tegenover de bijtelling verschijnt er dan een precies even grote ‘aftrekpost wegens geen of een kleine eigenwoningschuld’ in je belastingaangifte. Dit wordt de Wet Hillen genoemd. Het komt erop neer dat je geen belasting over de woning betaalt, als je geen teruggave krijgt voor de kosten van het huis.

Kleine hypotheek en een hoog inkomen?

Let op: heb je een inkomen uit werk en woning boven de €68.500 en zo’n kleine schuld? Dan betaal je per saldo toch een beetje belasting voor de eigen woning en de bijbehorende schuld. Dat komt door de afbouw van de maximale hypotheekrenteaftrek sinds 2014. Je betaalt daardoor over 2018 een belasting voor de eigen woning ter grootte van 2,45% van de ‘aftrekbare rente’ en andere aftrekbare kosten voor de eigen woning. Over 2019 gaat het om 2,75%.

Zit je in deze situatie, maar heb je ook een fiscale partner met inkomen onder de €68.500? Dan kun je deze heffing voorkomen door de eigen woning aan die partner toe te delen in het verdeelscherm achterin het aangifteprogramma.

Regeling 2019

De aftrek van de Wet Hillen wordt vanaf 2019 in 30 jaar afgebouwd. Dat gebeurt geleidelijk. Wie onder aan de streep geen aftrek heeft voor de eigen woning omdat het eigenwoningforfait hoger is dan de aftrekbare kosten voor de eigen woning, moet voortaan een oplopend belastingbedrag betalen voor het bezit van de woning. Dat gaat in 30 gelijke stapjes, van 2019 tot en met 2048. In 2048 wordt bij hen het hele eigenwoningforfait belast.

Over 2019 moet iemand met een schuldenvrij huis inkomstenbelasting over 1/30e van het eigenwoningforfait gaan betalen. Wie een kleine schuld voor zijn woning heeft, betaalt in de aangifte over 2019 inkomstenbelasting over 3,33% van het verschil tussen het eigenwoningforfait en de aftrekbare kosten voor de eigen woning. Als de schuld bijna even hoog is als het eigenwoningforfait, ondervind je daardoor nauwelijks nadeel van de afbouw van de Wet Hillen. Hoe hoog het tarief van de inkomstenbelasting is, hangt af van de leeftijd en het inkomen uit werk en woning. Het gaat in 2019 om 18,75% tot 51,75%.

In 2019 krijgen naar schatting 1 miljoen huishoudens te maken met de afbouw van de Wet Hillen. De extra kosten daardoor liggen de komende jaren meestal op enkele tientallen euro’s per jaar. Om een idee te geven: bij een inkomen van €60.000 en een schuldenvrij huis met een WOZ-waarde van €400.000 gaat het om €33 extra belasting in 2019. Je ziet dit terug in de aangifte over 2019, die je doet in 2020. Dat bedrag loopt in de jaren daarna op tot €60 in 2020, €74 in 2021, €222 in 2028 en €667 in 2048. 

Belastingtarieven en overige fiscale wijzigingen

Bekijk ook de wijzigingen in 2019 rondom de belastingtarieven en -kortingen en andere fiscale wijzigingen.

Nieuw & interessant