
Erik Snitselaar Expert sparenBijgewerkt op:4 augustus 2026

Als je regelmatig geld opzij legt, wil je dat dit meer waard wordt. Dat kan door het geld op een vrij opneembare spaarrekening te zetten. Of je zet het voor een bepaalde tijd 'vast' op een deposito.
Als je een spaarrekening wilt openen, zoek je waarschijnlijk eerst naar een aantrekkelijke rente. In onze keuzehulp vind je vrij opneembare spaarrekeningen met de hoogste rente. Je kunt kiezen uit Nederlandse of buitenlandse banken.
Het maakt uit of de bank de rente per maand, kwartaal of per jaar uitbetaalt. Als de bank de rente maandelijks bijschrijft op je spaarrekening, ontvang je daar namelijk ook weer rente over. Hierdoor valt de effectieve rente op jaarbasis iets hoger uit.
Geld dat je voor een bepaalde tijd niet nodig hebt, kun je voor een vooraf afgesproken rente en periode 'vastzetten' op een deposito. Vaak krijg je op een deposito meer rente dan op een vrij opneembare spaarrekening.
Er zijn ook producten die het midden houden tussen een vrij opneembare spaarrekening en een deposito. Zo koppelt de CombiSpaarrekening van de DHB Bank een variabele rente aan een aankondigingstermijn. Als je geld wilt opnemen, moet je dat van tevoren bij de bank aankondigen: binnen een termijn van 33 tot en met 99 dagen. Daarbij geldt: hoe langer de aankondigingstermijn, hoe hoger de rente. Ook bij de Rabobank kun je profiteren van een hogere rente met Rabo Tijdslotsparen. Voor deze spaarrekening geldt een aankondigingstermijn van 90 dagen.
Inflatie betekent dat prijzen stijgen, waardoor je met hetzelfde geld minder kunt kopen. Spaargeld groeit door rente, maar als de rente lager is dan de inflatie, daalt de koopkracht van je geld. Je spaargeld wordt dan in werkelijkheid minder waard, ook al staat er meer op je rekening. Daarom is het belangrijk om spaarrente en inflatie met elkaar te vergelijken. als de rente lager is dan de inflatie, wordt je spaargeld per saldo niet meer maar mínder waard. Wil je weten hoe hooog de inflatie is? Ga dan naar de site van het CBS en zoek op 'inflatie'.
Heb je meer dan €59.357 (2026) aan spaargeld? Dan krijg je over het meerdere te maken met de vermogensrendementsheffing. Voor fiscaal partners geldt het dubbele: €118.714.