
Andre van Zwet Expert fotocamera'sBijgewerkt op:3 april 2025
Voor een camera met goede beeldkwaliteit zijn de beeldsensor en cameralens heel belangrijk. Net als de samenwerking tussen lens en body en de manier van compressie.
In de specificaties van de camera vind je 2 dingen terug over de beeldsensor:
Een grotere beeldsensor levert over het algemeen mooiere foto’s op. Maar meer megapixels is zeker niet altijd beter.
Over het algemeen geldt: hoe meer pixels per vierkante millimeter, hoe minder licht elke pixel vangt. Als een pixel minder licht opvangt is de kans kleiner dat de juiste informatie voor de foto wordt vastgelegd.
Zo kan een compactcamera van 10 jaar geleden bij weinig licht betere foto's maken dan een nieuwe camera. Eentje met bijvoorbeeld 2 keer zoveel pixels op een sensor van dezelfde grootte.
Hoe weet je wat een goede cameralens is? In de winkel heb je een beetje houvast aan de getallen die op de lens staan. Kijk naar de getallen achter de 1 met de dubbele punt (bijvoorbeeld 1:5.6 of 1:1.8). Deze getallen geven de lichtsterkte van de cameralens aan. Een lager getal betekent dat er meer licht door de lens bij de beeldsensor kan komen. Hoe lager de getallen, hoe beter.
De lichtsterkte van de cameralens zegt echter weinig over mogelijke lensfouten. Denk aan vertekening, donkere hoeken of vlekken door reflecties in de cameralens.
De kwaliteit van een cameralens heeft invloed op de gemaakte foto en het gebruik van de camera:
De scherptediepte wordt kleiner als je een kleinere diafragmawaarde kiest, meer inzoomt én dichter op het onderwerp staat.
Dezelfde lens op een andere body kan ook zorgen voor een andere beeldkwaliteit:
Alle camera's kunnen foto's opslaan in jpeg-formaat. Daardoor nemen ze niet te veel ruimte in op het geheugen, maar daar is wel compressie voor nodig. Omdat de camera de foto mogelijk niet op de beste manier opslaat als jpeg kan er kwaliteitsverlies zijn.
Camera's voor gevorderde gebruikers kunnen foto's onbewerkt opslaan. In dit zogenaamde RAW-formaat zijn nog geen pixels berekend. Er is alleen vastgelegd hoeveel licht elk elementje op de beeldsensor heeft opgevangen. Zo bewaar je de beste kwaliteit, maar dat heeft ook wat nadelen:
Wil je foto's later niet (meer) bewerken? Dan is het zonde van de ruimte om ze als RAW-bestand te bewaren. Jpeg is dan prima. Veel camera's kunnen ook tegelijkertijd een foto in RAW-formaat en jpeg-formaat opslaan.