icon-menulogo_footerpredssymbol-afradersymbol-bestekoopsymbol-besteuittest
Je thuis toekomstbestendig maken?|

Bestel het boek Prettig blijven wonen.

Prettig blijven wonen 45x45

Woonlastenverzekering: vangnet bij arbeidsongeschiktheid of werkloosheid

Als je arbeidsongeschikt raakt, heeft dat grote financiële gevolgen. Je inkomen daalt, maar je woonlasten niet. Een woonlastenverzekering voorkomt dat je je hypotheek niet meer kunt betalen.
Rien Meijer

Expert Geld & Verzekering

woonlastenverzekering

Ons advies: wel/geen woonlastenverzekering?

Als je minder dan €53.706 verdient, een goede arbeidsongeschiktheidsverzekering hebt, geen zwaar of gevaarlijk beroep uitoefent of financieel weerbaar bent, denk dan goed na over het nut en de noodzaak van een woonlastenverzekering. 

Als aanvulling op de arbeidsongeschiktheidsdekking kun je bij de meeste verzekeraars ook het risico op werkeloosheid verzekeren. Deze dekking raden we niet aan, omdat je niets meer krijgt op het moment dat je het geld echt nodig hebt.

Woonlastenverzekeringen die uitgaan van 'passende arbeid' of 'eigen beroep', zijn duurder dan een woonlastenverzekering die uitgaat van 'gangbare arbeid'. Woonlasten die uitgaan van passende arbeid of eigen beroep bieden echter zoveel meerwaarde dat hier onze voorkeur naar uitgaat. De keuze voor gangbare arbeid is alleen een optie als je een laag inkomen hebt en eenvoudig werk doet.

Wat is een woonlastenverzekering?

De woonlastenverzekering komt tijdens het adviesgesprek met je hypotheekadviseur ter sprake, en wordt ook wel betalingsbescherming genoemd.

Een woonlastenverzekering is een verzekering die je bij je hypotheek kunt afsluiten. Een woonlastenverzekering garandeert de betaling van (een deel van) je hypotheek als je daar niet meer toe in staat bent door arbeidsongeschiktheid of werkloosheid.

Er zijn 2 soorten dekkingen:

  • Arbeidsongeschiktheidsdekking
  • Dekking bij werkloosheid

Arbeidsongeschiktheidsdekking

Met de arbeidsongeschiktheidsdekking verzeker je het bedrag dat je per maand nodig hebt voor de aflossing van je hypotheek in het geval je arbeidsongeschikt raakt. Dat hoeft niet per se het hele maandbedrag te zijn.

Afhankelijk van je financiële situatie bepaal je welk bedrag je wilt verzekeren. Als je arbeidsongeschikt raakt, keert de verzekeraar het verzekerde bedrag voor je woonlasten maandelijks aan je uit gedurende een vooraf vastgesteld aantal jaren.

Verzekeraar BNP Paribas Cardif hanteert een andere systematiek. Deze verzekeraar keert het afgesproken bedrag in één keer uit aan de hypotheekverstrekker, zodat de hypotheek - en daarmee ook de hypotheeklasten - omlaag gaan. De hoogte van de uitkering is afhankelijk van de verstreken looptijd van de hypotheek.

Dekking bij werkloosheid

Als aanvulling op de arbeidsongeschiktheidsdekking kun je bij de meeste verzekeraars ook het risico op werkeloosheid verzekeren. Deze dekking raden we niet aan, omdat je niets meer krijgt op het moment dat je het geld echt nodig hebt. De meeste aanbieders keren namelijk maar maximaal 12 keer per werkloosheid een maandbedrag uit.

Zelfs als de uitkering langer is dan 12 termijnen, schiet je vaak niet veel op met een dekking bij werkloosheid. Dit komt doordat de verzekeringsuitkeringen ophouden zodra je WW-uitkering stopt. Dat is doorgaans eerder dan je misschien zou denken. Ter illustratie: met een arbeidsverleden van 8 jaar ontvang je bij werkloosheid 8 maanden een WW-uitkering.

BNP Paribas Cardif heeft dit probleem ondervangen door pas uit te keren nadat je WW-uitkering is gestopt. Je krijgt dan, zolang je nog werkloos bent, gedurende maximaal 12 maanden een uitkering uit je woonlastenverzekering. Ontvang je inmiddels een bijstandsuitkering, dan ontvangt de hypotheekverstrekker de uitkering uit je woonlastenverzekering, met als gevolg dat de hypotheeklasten omlaag gaan.

Tip: Wil je weten wat de duur van jouw arbeidsverleden is? Je kunt die met je DigiD opvragen op Mijn UWV.

Heb je een woonlastenverzekering nodig?

Om te bepalen of je een woonlastenverzekering nodig hebt, moet je nagaan wat je financiële situatie zou zijn als je onverhoopt arbeidsongeschikt raakt. De Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) voorziet werknemers in loondienst bij arbeidsongeschiktheid van een inkomen .

Deze uitkering is echter nooit hoger dan een percentage van het maximum jaarloon van €53.706 (2017). Heb je een hoger inkomen, dan val je ver terug in inkomen. Veel werkgevers hebben echter voor hun personeel een aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekering afgesloten, die onder meer de extra inkomensterugval voor inkomens boven de €53.706 voor een deel opvangt.

1. Maak een inschatting van de risico's

Ga voor jezelf na hoe groot de kans is dat je arbeidsongeschikt raakt:

  • Loop je veel risico's in je werk?
  • Ben je vaak op pad?
  • Doe je fysiek zwaar werk?
  • Leid je een avontuurlijk leven?
  • Zijn er bepaalde genetische afwijkingen in de familie?

2. Schat je kans op herplaatsing in bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid

Werk je voor een grote organisatie, bijvoorbeeld de overheid, dan is de kans op herplaatsing bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid veel groter dan wanneer je bij een klein bedrijf werkt. 

De praktijk leert dat vooral gedeeltelijk arbeidsongeschikten die bij een kleine werkgever werkten in de problemen komen. Lukt het je bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid niet om minimaal 50% van je verdiencapaciteit te benutten, dan val je terug op bijstandsniveau. Dat gebeurt vaak bij gedeeltelijk arbeidsongeschikten, die worden ontslagen door hun werkgever en kunnen vervolgens geen baan meer vinden. Dit probleem speelt niet als je 100% arbeidsongeschikt wordt verklaard.

Voor grote bedrijven is het doorgaans niet zo moeilijk om een gedeeltelijk arbeidsongeschikte in een andere, lagere functie te plaatsen of ervoor te zorgen dat de werknemer nog minimaal 50% van zijn verdiencapaciteit verdient. Voor een kleine werkgever is dit heel moeilijk te realiseren. Hij heeft minder banen te vergeven en een arbeidsongeschikte legt een relatief groot beslag op het inkomen van het bedrijf. Bovendien heeft een kleine werkgever minder vaak een aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekering afgesloten. 

3. Ga na hoe je er financieel voorstaat

Je financiële weerbaarheid speelt ook mee. Heb je geld achter de hand, of kun je op je partner terugvallen, dan is een woonlastenverzekering niet direct noodzakelijk. Als je net een huis hebt gekocht met een maximale hypotheek, dan heeft een inkomensterugval bij arbeidsongeschiktheid direct consequenties.

Eisen aan een goede woonlastenverzekering

Een goede woonlastenbeschermingsverzekering voldoet aan de volgende criteria:

  • Je kunt kiezen voor passende arbeid of eigen beroep.
  • Je kunt kiezen voor een verzekering die ook 100% uitkeert bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid. Juist bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid kun je het ergst in de problemen raken.
  • De verzekering is niet alleen beperkt tot objectief medisch aantoonbare aandoeningen of ziekten.
  • Looptijd en maximale duur van de verzekering moeten overeenkomen met de periode waarin je financiële aanvulling nodig hebt. Dat is doorgaans tot je pensioen of tot het einde van de looptijd van de hypotheek.
  • Je betaalt periodiek (bijvoorbeeld per maand of per kwartaal) premie. Je kunt de verzekering stoppen wanneer je wilt.

    Arbeidsongeschiktheidscriteria

    Let ook op de arbeidsongeschiktheidscriteria. Er zijn 3 criteria: eigen beroep, passende arbeid en gangbare arbeid. Aan de hand van een voorbeeld leggen we het verschil uit:

    Stel: een chirurg verliest zijn vinger.

    1. Eigen Beroep

    Heeft de chirurg een woonlastenverzekering afgesloten met het criterium 'eigen beroep' dan is hij voor 100% arbeidsongeschikt. Hij kan immers zijn eigen vak niet meer uitoefenen.

    2. Passende arbeid

    Heeft de chirurg gekozen voor een woonlastenverzekering met het criterium 'passende arbeid', dan is er bij het verlies van een vinger geen sprake van arbeidsongeschiktheid. Hij kan immers nog prima functioneren als bijvoorbeeld verzekeringsarts.

    Zou deze chirurg echter door een herseninfarct een deel van zijn geestelijke vermogens zijn kwijtgeraakt, dan is hij volgens het criterium van 'passende arbeid' nu arbeidsongeschikt.

    3. Gangbare arbeid

    Is zijn woonlastenverzekering afgesloten op basis van het criterium 'gangbare arbeid', dan kan hij in het geval van een herseninfarct wel simpel werk uitvoeren. Er is dan geen sprake van arbeidsongeschiktheid en hij ontvangt geen uitkering van zijn woonlastenverzekering.

    Ons advies

    Woonlastenverzekeringen die uitgaan van 'passende arbeid' of 'eigen beroep', zijn duurder dan een woonlastenverzekering die uitgaat van 'gangbare arbeid'.

    Woonlasten die uitgaan van 'passende arbeid' of 'eigen beroep' bieden echter zoveel meerwaarde dat hier onze voorkeur naar uitgaat. De keuze voor 'gangbare arbeid' is alleen een optie als je een laag inkomen hebt en eenvoudig werk doet.

    Valkuilen van een woonlastenverzekering

    Uitsluitingen

    Altijd uitgesloten is arbeidsongeschiktheid die het gevolg is van:

    • opzet of grove schuld van de verzekerde of van een bij de uitkering belanghebbende;
    • oorlog, opstanden en dergelijke;
    • al bestaande aandoeningen en ziekten;
    • een cosmetische ingreep (gaat er bij een cosmetische ingreep iets mis, dan zijn de gevolgen bij de meeste verzekeraars wel gedekt).

    Een deel van de verzekeraars verlangt dat een ziekte of aandoening 'medisch objectiveerbaar' moet zijn. Dit houdt in dat arbeidsongeschiktheid als gevolg van bekkeninstabiliteit, chronisch vermoeidheidssyndroom en whiplash zijn uitgesloten.

    Korte uitkeringsduur

    Sommige verzekeringen hebben een korte uitkeringsduur. In onze ogen zijn dit soort verzekeringen uitstel van executie. Een hypotheek loopt doorgaans 30 jaar. Een betalingsbescherming van bijvoorbeeld 5 of 10 jaar zet weinig zoden aan de dijk. Het argument dat 'de verzekerde dan de tijd heeft om orde op zaken te stellen', is voor ons niet overtuigend.

    Als je arbeidsongeschikt raakt, wordt je loon vaak het eerste jaar voor 100% en het tweede voor 70% doorbetaald door de werkgever, voordat de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) en een eventuele arbeidsongeschiktheidsverzekering om de hoek komen kijken; 2 jaar lijkt ons voldoende tijd om 'orde op zaken te stellen'.

    Regelingen van de overheid

    De Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) voorziet medewerkers in loondienst die arbeidsongeschikt raken van inkomen. Uitgangspunt van de WIA is dat je zoveel mogelijk blijft werken. ‘Het gaat niet om wat u niet meer kunt, maar om wat u nog wel kunt.' 

    De WIA bestaat uit 2 regelingen en een aantal subregelingen. We leggen de regelingen uit.

    Regeling via werkgever

    Veel werknemers hebben via hun werkgever een arbeidsongeschiktheidsverzekering lopen, die voorziet in een aanvulling bovenop je WIA-uitkering, mocht je arbeidsongeschikt raken. Als je via je werkgever een goede arbeidsongeschiktheidsverzekering (ook wel WGA-aanvullingspolis of excedentenverzekering genoemd) hebt, is een woonlastenverzekering niet nodig.

    Duik in de voorwaarden

    Ga na wat voor verzekering je werkgever aanbiedt, en welke dekking en voorwaarden deze kent. Er zijn een aantal varianten mogelijk. De meest uitgebreide varianten bieden een van deze regelingen:

    • Aanvulling tot 70% van het maximumloon (€53.706 in 2017).
    • Aanvulling tot 70% van het werkelijke salaris (boven maximumloon).
    • Aanvulling tot 80% van het werkelijke salaris (boven maximumloon).

    Extra vangnet

    Als je maandlasten dusdanig hoog zijn dat je ondanks een aanvullende arbeidsongeschiktheidspolis je maandlasten niet kunt betalen, kan een woonlastendekking nut hebben. Kijk dus goed naar de voorwaarden van deze verzekeringen.

    Daarnaast is je werkgever verplicht je de eerste 2 jaar tenminste 70% van het loon door te betalen. Voor deze eerste 2 jaar is een dekking voor woonlasten minder belangrijk.

    Lees ook: