
Carola van Dorp Expert belastingaangifteBijgewerkt op:5 november 2025
Bij het bereiken van je AOW-leeftijd veranderen de heffingskortingen. Sommige zijn nieuw zoals ouderenkorting en de alleenstaande ouderenkorting voor alleenstaanden. Anderen verdwijnen of het bedrag verandert. In het overzicht hieronder zie je per heffingskorting de bedragen voor 2025.
Heffingskortingen zijn kortingen op de inkomstenbelasting. Hierdoor betaal je minder belasting. Het is geen verlaging van je inkomen. We leggen dit uit met een voorbeeld.
In je aangifte kun je door de heffingskortingen niet lager dan €0 uitkomen. Heffingskorting die je niet gebruikt kun je niet terugvragen.
Pas de loonheffingskorting toe bij het hoogste inkomen van de 2. Zo worden de heffingskortingen alvast verrekend.
Je ontvangt dan bijvoorbeeld AOW van de SVB (Sociale Verzekeringsbank) en uitkeringen van verschillende pensioenfondsen.
Is je inkomen lager dan €38.441 (2025)? Dan kun je de loonheffingskorting toepassen bij de hoogste uitkering.
Is het totaal van je inkomen hoger dan €38.441 (2025)? Dan kun je beter nergens de loonheffingskorting toepassen.
Het belastingtarief voor inkomen onder de €38.441 ligt op 17,92%. Voor inkomen tussen €38.441 en €75.817 is het belastingtarief 37,48%. Is je inkomen hoger dan €75.817? Dan wordt het tarief 49,5%. Iedere uitkeringsinstantie rekent met de belastingtabel die begint met het laagste belastingtarief. In je aangifte telt de Belastingdienst al je inkomen op. Het totaal van de belasting die je betaalde via je AOW en pensioen is lager dan de belasting die de Belastingdienst over je totale inkomen berekent. In je aangifte betaal je daardoor het verschil in belasting.
Als de loonheffingskorting per ongeluk 2 keer toegepast wordt, krijg je te veeel kort. Hierdoor betaal je te weinig belasting. Je betaalt achteraf flink bij op je aangifte. Twijfel je? Op je loon- of uitkeringsspecificatie staat of de loonheffingskorting wel of niet toegepast is. Of je kunt het navragen.
Oplossing: Vraag aan degene die de laagste uitkering betaalt of zij de loonheffingskorting niet meer toepassen. Meestal kan dit pas vanaf het nieuwe jaar.
Door de belastingkortingen betaal je minder belasting. Het is geen verlaging van het inkomen, alleen van de belasting die je moet betalen. Je moet voldoende belasting betalen om alle korting te kunnen verrekenen. Een tip is om in de aangifte inkomen of aftrekposten tussen partners te schuiven. Dit zorgt er soms voor dat je de belastingkorting toch krijgt.
Met inkomen of aftrekposten schuiven doe je in het scherm ‘verdelen’, aan het einde van de online aangifte. Geef bijvoorbeeld zoveel mogelijk van jullie vermogen, de ‘grondslag sparen en beleggen’, bij jezelf aan. Hierdoor betaal je nu meer belasting, maar dit verreken je met de heffingskortingen. Het kost je dus geen euro extra.
Let op: Een andere verdeling kan ook andere gevolgen hebben. Controleer dus altijd de regel in het verdeelscherm waarop staat hoeveel belasting jullie samen betalen. En kies de meest voordelige optie. Het verdeelscherm houdt rekening met de heffingskortingen.
Lees meer tips over het optimaal verdelen van inkomen tussen partners.
Ben je geboren vóór 1963? Heb je zelf geen of weinig inkomen? En heb je een partner met inkomen? Dan is het soms toch mogelijk om je heffingskortingen uit te laten betalen. Het gaat om de algemene heffingskorting.